skip to Main Content

Welke arbeidsmiddelen moeten gekeurd worden

Welke arbeidsmiddelen moeten gekeurd worden

Welke arbeidsmiddelen moeten gekeurd worden?



De veiligheid op de werkvloer is een wettelijke verplichting waar elke werkgever serieus mee om moet gaan. Een essentieel onderdeel van dit veiligheidsbeleid is het periodiek keuren van arbeidsmiddelen. Maar wat valt er precies onder deze term, en welke apparatuur en hulpmiddelen moeten verplicht aan een inspectie worden onderworpen? Deze vraag is cruciaal om ongevallen te voorkomen en te voldoen aan de strenge eisen van de Arbowet en bijbehorende regelgeving.



In de kern zijn arbeidsmiddelen alle hulpmiddelen, machines en installaties die worden gebruikt tijdens het werk. De verplichting tot keuring geldt niet voor alle middelen, maar specifiek voor die apparatuur waarvan het falen een direct en ernstig risico voor de veiligheid en gezondheid van de werknemer met zich meebrengt. Het gaat hierbij om objectieve gevaren, zoals vallen van hoogte, elektrocutie, beknelling of het vrijkomen van gevaarlijke stoffen.



De wetgever maakt een duidelijk onderscheid tussen twee categorieën: gebruiksklare keuringen en periodieke keuringen. De eerste is een visuele en functionele controle door de gebruiker zelf voorafgaand aan elk gebruik, zoals bij een ladder of een hoogwerker. De tweede, en vaak verplichte, vorm is een grondige technische inspectie door een deskundige volgens een vastgesteld interval. Deze periodieke keuring is verplicht voor een gedefinieerde lijst van arbeidsmiddelen, waaronder hijs- en hefgereedschap, drukapparatuur, steigers en bepaalde elektrische installaties in een agressieve omgeving.



Verplichte keuringen voor hijs- en hefgereedschap volgens de Arbowet



De Arbowet verplicht werkgevers om arbeidsmiddelen, waaronder hijs- en hefgereedschap, periodiek te (laten) keuren. Dit is vastgelegd in artikel 7.5a van het Arbobesluit. Het doel is het garanderen van de veiligheid en het voorkomen van ongevallen door slijtage, defecten of overbelasting.



Onder hijs- en hefgereedschap vallen alle middelen die worden gebruikt voor het hijsen, heffen, dragen of vasthouden van lasten. Concrete voorbeelden zijn: hijskranen (torenkraan, mobiele kraan), takels, heftrucks, hijsblokken, laadbruggen, vloerheffers, grijpers en permanente hijsconstructies in gebouwen. Ook losse hijsmiddelen zoals hijsbanden, kettingen, stropen, schakels, haakogen en hijshaken vallen onder deze verplichting.



De wet onderscheidt twee soorten verplichte keuringen: de eerste keuring en de periodieke keuring. Een nieuw hijsmiddel of hijsgereedschap moet voor het eerst in gebruik wordt genomen een grondige eerste keuring ondergaan. Daarna volgt een periodieke herkeuring volgens een vastgesteld interval.



De frequentie van de periodieke keuring is niet in alle gevallen identiek en hangt af van het type apparaat, de intensiteit van het gebruik en de fabrikantspecificaties. Voor veel hijsgereedschappen, zoals hijskranen en heftrucks, is een jaarlijkse keuring gebruikelijk en vaak verplicht. Voor losse hijsmiddelen (hijsbanden, kettingen) kan een kortere periode, bijvoorbeeld een halfjaarlijkse of zelfs kwartaalijks visuele inspectie, worden voorgeschreven. De inspectie-intervallen moeten worden vastgelegd in een onderhouds- en inspectieplan.



De keuring moet worden uitgevoerd door een deskundige persoon of instantie. Dit is een natuurlijk persoon of rechtspersoon die over de benodigde vakbekwaamheid, ervaring en onafhankelijkheid beschikt. Vaak wordt dit gedaan door een gecertificeerd keuringsinstituut of een speciaal opgeleide en geautoriseerde medewerker binnen het bedrijf.



Na een succesvolle keuring ontvangt het arbeidsmiddel een keuringscertificaat of -sticker. Dit bewijs moet de datum van de keuring en de datum voor de volgende keuring vermelden. Alle resultaten van keuringen en inspecties moeten schriftelijk worden gedocumenteerd en bewaard, zodat deze kunnen worden getoond aan toezichthouders zoals de Inspectie SZW.



Naast de periodieke keuring is de werkgever ook verplicht tot dagelijkse of wekelijkse gebruikerscontroles. De bediener voert voor of tijdens het gebruik een visuele en functionele controle uit om directe gebreken of onveilige situaties vast te stellen. Deze controle vervangt nooit de formele periodieke keuring.



Periodieke controles voor elektrische apparaten en drukapparatuur op de werkvloer



Periodieke controles voor elektrische apparaten en drukapparatuur op de werkvloer



Periodieke keuringen zijn een wettelijke verplichting voor werkgevers om de veiligheid van werknemers te garanderen. Voor elektrische arbeidsmiddelen en drukapparatuur gelden specifieke inspectie-eisen vastgelegd in de Arbowet en bijbehorende regelgeving, zoals het Arbeidsmiddelenbesluit.



Voor elektrische apparaten omvat de periodieke controle een visuele inspectie en een technisch onderzoek. De visuele inspectie controleert op beschadigingen aan de behuizing, de stekker en het netsnoer. Het technisch onderzoek meet de isolatieweerstand, de aardverbinding en de werking van beveiligingen. De frequentie wordt bepaald door het type apparaat, de gebruiksintensiteit en de omgevingsomstandigheden, maar vindt minimaal één keer per jaar plaats.



Voor drukapparatuur, zoals luchtcompressoren, ketels, persluchttanks en hogedrukreinigers, is de keuring strenger. Een erkende keuringsinstantie moet de interne en externe staat van het toestel beoordelen. Zij controleren op corrosie, scheurvorming en de integriteit van lasnaden en veiligheidsventielen. De wettelijke keuringsinterval voor drukapparatuur is vaak eens per twee of vier jaar, afhankelijk van het ontwerp en de risicoklasse.



De resultaten van elke keuring moeten worden gedocumenteerd in een keuringsrapport of logboek. Dit rapport vermeldt de datum, de bevindingen en een vervaldatum voor de volgende controle. Alleen goedgekeurde apparatuur mag op de werkvloer worden gebruikt. Apparaten die niet voldoen, moeten direct worden afgekeurd en buiten dienst worden gesteld tot een succesvolle reparatie en herkeuring.



Veelgestelde vragen:



Moet een eenvoudige bureaustoel ook gekeurd worden?



Nee, een gewone bureaustoel voor op kantoor valt niet onder de verplichte keuring. De regels gelden voor arbeidsmiddelen met een hoger risico. Denk hierbij aan stoelen die zijn ontworpen voor specifiek werk, zoals een kappersstoel of een tandartsstoel. Die moeten wel gekeurd worden. Voor kantoorstoelen gelden algemene veiligheidseisen van de fabrikant, maar geen periodieke verplichte keuring door een deskundige.



Wie is bevoegd om een hoogwerker te keuren?



De keuring moet uitgevoerd worden door een deskundige persoon. Deze deskundigheid moet objectief vaststelbaar zijn. Vaak is dit een gecertificeerd keuringsinstituut of een speciaal opgeleide medewerker met een erkend certificaat. De werkgever moet kunnen aantonen dat de keurder over de juiste kennis en middelen beschikt. Een interne medewerker mag dit alleen doen als hij of zij de vereiste onafhankelijkheid, opleiding en ervaring heeft.



Onze bouwplaatskraan wordt elk jaar gecontroleerd. Is dat voldoende?



Ja, voor de meeste hijskranen, zoals torenkranen of mobiele kranen op de bouwplaats, is een jaarlijkse keuring verplicht. Dit staat in de gebruiksaanwijzing van de fabrikant en in de Arbowetgeving. Naast deze grote keuring is er ook een dagelijkse of wekelijkse visuele controle door de gebruiker nodig, en een maandelijkse technische controle. Zorg dat alle bevindingen worden vastgelegd in het kraanregister.



Vallen trappen en ladders ook onder de keuringsplicht?



Ja, draagbare ladders en trappen moeten regelmatig worden gecontroleerd. De wet schrijft geen vaste periode voor, maar een inspectie voor elk gebruik is aanbevolen. Daarnaast moet een formeel onderzoek door een deskundige minstens één keer per jaar plaatsvinden. Dit geldt voor alle ladders die voor het werk worden gebruikt, van een eenvoudige rechthuisladder tot een rolsteiger. Let op beschadigingen, zoals gebroken treden of losse verbindingen.



Wat moet er gebeuren met een heftruck waar een klein defect aan is gevonden tijdens de keuring?



Als er een gebrek wordt geconstateerd dat de veiligheid in gevaar kan brengen, moet de heftruck direct uit gebruik worden genomen. Plaats een duidelijk bord met "Defect – niet gebruiken" op het apparaat. Het gereedschap mag pas weer ingezet worden nadat een vakbekwaam persoon de reparatie heeft uitgevoerd. Daarna volgt een nieuwe controle om te bevestigen dat het toestel weer veilig is. Deze handeling moet in het logboek van de heftruck worden genoteerd.

Vergelijkbare artikelen

Recente artikelen



Occasions

Onderhoud

Contact
Back To Top