skip to Main Content

Hoeveel motoren heeft een TT Assen

Hoeveel motoren heeft een TT Assen

Hoeveel motoren heeft een TT Assen?



De vraag "Hoeveel motoren heeft een TT Assen?" lijkt op het eerste gezicht eenvoudig, maar kent een verrassend veelzijdig antwoord. Het hangt er namelijk volledig vanaf vanuit welk perspectief men de wereldberoemde race op het Circuit van Drenthe bekijkt. De TT Assen is niet slechts één race, maar een complex evenement met meerdere klassen en races, waardoor het aantal motoren dat in actie komt aanzienlijk varieert.



Allereerst is er het technische en regelgevende antwoord. Elke coureur die deelneemt aan een officiële race tijdens het TT-weekend, heeft de beschikking over één specifieke motor per raceklasse waarin hij of zij start. Dit is de primaire racemotor. Teams hebben echter vaak reservemotoren paraat voor het geval zich technische problemen voordoen. Deze worden niet actief ingezet, maar maken wel degelijk deel uit van de inventaris tijdens het evenement.



Wanneer we kijken naar het totaalplaatje van het raceweekend, wordt het aantal exponentieel groter. Het TT-programma omvat meerdere races in klassen als MotoGP, Moto2, Moto3 en vaak ook ondersteunende klassen. Als we alle coureurs in al deze races bij elkaar optellen, komen we al snel op meer dan honderd racemotoren die tijdens het evenement daadwerkelijk op het asfalt hun rondjes draaien. Dit zijn de hoogtechnologische, razendsnelle machines die het spektakel creëren.



Uiteindelijk is het meest concrete antwoord een berekening: het aantal startplaatsen in elke race, vermenigvuldigd met het aantal races. Echter, de essentie van de vraag raakt de ziel van de TT: het is een cacofonie van cilinders, een symfonie van hoogtoerige motoren waarvan de gezamenlijke stem het landschap van Drenthe vult. Het exacte aantal is minder relevant dan het overweldigende feit dat Assen, tijdens die ene legendarische weekend, transformeert tot het kloppende hart van de motorsportwereld.



Het exacte aantal motorfietsen tijdens raceweekend en trainingen



Het exacte aantal motorfietsen tijdens raceweekend en trainingen



Het antwoord op de vraag "Hoeveel motoren heeft een TT Assen?" is niet een enkel getal, maar een dynamisch aantal dat sterk varieert tussen de trainingsdagen en het hoofdraceweekend.



Tijdens de officiële vrije trainingen en kwalificaties zijn de meeste coureurs actief. Elke fabrikant in de MotoGP-klasse brengt doorgaans twee tot drie motorfietsen per coureur naar het circuit. Met een grid van 22 rijders in de MotoGP alleen al, zijn er tijdens deze sessies dus al snel meer dan 50 topmachines aanwezig. Wanneer de motoren uit de Moto2- en Moto3-klassen worden meegeteld, loopt dit aantal op tot ver boven de honderd racemotoren op het terrein.



Op het hoofdraceweekend verandert dit beeld. Tijdens de warm-up en de races zelf wordt alleen het hoofdparcours gebruikt. Hier staan alleen de motoren klaar die daadwerkelijk deelnemen aan de sessie van dat moment. Het aantal motoren dat tegelijkertijd op de baan is, is dus gelijk aan het aantal deelnemers in die race: ongeveer 22 in de MotoGP, 30 in de Moto2 en 30 in de Moto3.



De totale voorraad aan racemotoren in de paddock blijft echter onveranderd hoog. Daarnaast zijn er honderden andere motorfietsen aanwezig: safety bikes, service-motoren van teams, motorfietsen van marshals en natuurlijk de duizenden motorfietsen van de bezoekers op de camping en parkeerterreinen. Het exacte aantal tijdens het evenement is daarom een combinatie van een kern van racemachines en een enorme, wisselende vloot aan ondersteunende en privémotoren.



Verschil in motoraantallen tussen MotoGP-, Supersport- en supportklassen



Het antwoord op de vraag "Hoeveel motoren heeft een TT Assen?" is dynamisch, omdat het circuit tijdens een raceweekend tientallen tot honderden motoren herbergt. Een fundamenteel onderscheid wordt gemaakt door de verschillende klassen die er racen, elk met hun eigen technische reglementen die het motoraantal bepalen.



De MotoGP-klasse vormt het technologische hoogtepunt. Hier heeft elke fabriekscoureur de beschikking over een groot arsenaal aan motoren per seizoen, maar voor een individueel raceweekend zoals in Assen zijn het er concreet twee tot drie per rijder. Dit zijn complexe prototype-machines met een cilinderinhoud van 1000cc. Het team beschikt over verschillende frames met daarin ingebouwde motoren, klaar voor gebruik. Een motorblok wordt meerdere races gebruikt, waardoor de focus ligt op betrouwbaarheid en uitwisselbaarheid van onderdelen tijdens het weekend.



In het World Supersport (WSSP) kampioenschap is de filosofie anders. Deze klasse gebruikt productie-based motoren van 600cc tot 900cc, afhankelijk van het type. Coureurs hebben voor het hele seizoen een strikt beperkt aantal motoren tot hun beschikking, vaak vier of vijf. Per weekend in Assen wordt typisch één primaire racemotor gebruikt, eventueel aangevuld met een reserveblok. De nadruk ligt hier op het finetunen van één pakket, niet op het wisselen tussen meerdere identieke motoren.



De supportklassen (zoals de MotoE, het Nederlandse KNMV-kampioenschap of de Supersport 300) tonen de grootste variatie. De volledig elektrische MotoE heeft bijvoorbeeld maar één motor (powertrain) per rijder per weekend, geïntegreerd in het frame. In nationale klassen op basis van productiemotoren is het gebruikelijk dat private teams en rijders met slechts één motorblok het hele weekend moeten doen. Dit maakt schade of mechanische pech desastreus, in schril contrast met de mogelijkheden in MotoGP.



Concluderend: het totale motoraantal in Assen is een optelsom van deze verschillende filosofieën. Waar een MotoGP-team redundantie en specialisatie kan inbouwen, moeten rijders in de supportklassen het vaak doen met minimale middelen. Het verschil in motoraantallen illustreert daarmee niet alleen het technische, maar ook het financiële kloof tussen de top van de motorsport en de basis waaruit toekomstig talent moet opkomen.



Veelgestelde vragen:



Heeft de TT Assen altijd motoren met dezelfde cilinderinhoud gebruikt?



Nee, de specificaties van de motoren op de TT Assen zijn in de loop der decennia sterk veranderd. Het evenement begon in 1925 met wegracen, waar motorfietsen van die tijd aan deelnamen. Met de komst van het wereldkampioenschap wegrace (Grand Prix) werden de klassen en technische regels bepalend. In de hoogste klasse, nu MotoGP, reden tot 2002 500cc tweecilinder tweetaktmotoren. Vanaf 2002 kwamen er 990cc viercilinder viertaktmotoren, die later eerst naar 800cc en sinds 2012 naar 1000cc gingen. In de onderste klassen, Moto3 en Moto2, worden andere motoren gebruikt: Moto3 heeft 250cc eencilinder viertaktmotoren en Moto2 rijdt met een standaard 765cc driecilinder viertaktmotor van Triumph. De motoren evolueren dus met de techniek en het reglement.



Welke soorten motoren racen er tijdens een TT Assen weekend?



Tijdens een volledig WK-weekend in Assen rijden er motoren uit drie verschillende Grand Prix-klassen, elk met hun eigen specificaties. De hoofdklasse is MotoGP, met de krachtigste prototypes: 1000cc viercilinder viertaktmotoren. De Moto2-klasse gebruikt identieke driecilinder 765cc motoren van Triumph voor alle coureurs, waarbij het chassis wel vrij is. De Moto3-klasse heeft de kleinste motoren: 250cc eencilinders. Daarnaast kunnen tijdens het TT-weekend ook andere races plaatsvinden, zoals het Nederlands Kampioenschap of de Superstock-klasse, waar productie-achtige motorfietsen met grotere cilinderinhoud rijden, bijvoorbeeld 1000cc viercilinders.



Rijden MotoGP-coureurs in Assen op dezelfde motor als in andere races?



Ja, een MotoGP-team gebruikt in principe hetzelfde motorblok en hetzelfde type motorfiets gedurende het hele seizoen, dus ook in Assen. Het is een prototype dat speciaal voor het kampioenschap wordt gebouwd. De coureur en technici passen de motorfiets echter specifiek aan het circuit van Assen aan. De opstelling wordt aangepast voor het hoge tempo, de snelle wisselingen en de unieke bochtencombinaties van het circuit. De elektronica, ophanging en aerodynamica worden afgestemd op de eisen van deze baan. De motor zelf is dezelfde, maar de afstelling is circuit-specifiek.

Vergelijkbare artikelen

Recente artikelen



Occasions

Onderhoud

Contact
Back To Top