skip to Main Content

Hoe dik moet een kabel zijn voor een laadpaal

Hoe dik moet een kabel zijn voor een laadpaal

Hoe dik moet een kabel zijn voor een laadpaal?



Het installeren van een laadpaal voor uw elektrische auto is een investering in duurzaamheid en gemak. Een van de meest cruciale, maar vaak over het hoofd geziene, technische aspecten is de kabeldikte. De juiste keuze hierin is niet vrijblijvend; het is een fundamentele vereiste voor veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van uw laadinstallatie.



De dikte van een elektriciteitskabel, uitgedrukt in vierkante millimeters (mm²), bepaalt direct hoeveel stroom hij veilig kan transporteren. Een te dunne kabel voor de vereiste stroomsterkte zal oververhitten, wat leidt tot energieverlies, een verkorte levensduur en in het ergste geval brandgevaar. De keuze wordt hoofdzakelijk bepaald door het vermogen van uw laadpaal (in kW) en de lengte van de kabeltraject van de meterkast naar de paal.



Voor de meeste thuisladers (tot 11 kW, 3-fase) zijn kabels van 6 mm² of 10 mm² gangbaar. Echter, bij langere afstanden neemt de spanning over de kabel toe, wat de laadsnelheid kan beïnvloeden. Om dit te compenseren is een zwaardere aderdikte noodzakelijk. Een professionele installateur zal deze berekening altijd maken volgens de NEN 1010 norm, waarbij ook de installatiemethode en omgevingstemperatuur worden meegenomen.



Kortom, de vraag "hoe dik" beantwoordt u niet zelf, maar laat u berekenen aan de hand van uw specifieke situatie. Deze technische basis garandeert dat u jarenlang veilig en optimaal kunt genieten van het opladen van uw elektrische voertuig.



Bepalen van de juiste kabeldikte: stroomsterkte en installatiemethode



De twee cruciale factoren voor het kiezen van de kabeldikte (adermaat) voor een laadpaal zijn de maximale stroomsterkte (Ampère) en de installatiemethode. Deze bepalen samen de warmteontwikkeling in de kabel.



De benodigde stroomsterkte volgt uit het vermogen van de laadpaal en het elektriciteitsnet. Een 1-fase 16A laadpaal vereist een andere kabeldikte dan een 3-fase 32A of 3x25A installatie. De kabel moet de maximale stroom continu kunnen voeren zonder oververhitting.



De installatiemethode heeft een grote invloed op de koeling van de kabel. Een kabel in een goed geventileerde kabelgoot kan meer warmte afvoeren dan dezelfde kabel in een geïsoleerde muur of in een bundel met andere kabels. In die laatste gevallen is een dikkere ader nodig voor dezelfde stroomsterkte.



De Nederlandse norm NEN 1010 (installatievoorschriften) specificeert de juiste kabeldiktes in tabellen. Voor een typische 3x25A thuislaadpaal is een minimale adermaat van 6 mm² vaak vereist bij installatie in een muur of goot. Bij langere afstanden (>25 meter) of ongunstige installatieomstandigheden kan een dikker van 10 mm² nodig zijn om spanningsverlies te beperken en oververhitting te voorkomen.



Een onderschatte kabeldikte leidt tot risico's: oververhitting, verlies van laadvermogen, en in het ergste geval brand. Laat de berekening en installatie daarom altijd uitvoeren door een erkend installateur.



Keuze tussen 5G2.5, 5G4 en 5G6 kabels voor thuisladen en openbare palen



Keuze tussen 5G2.5, 5G4 en 5G6 kabels voor thuisladen en openbare palen



De keuze voor de juiste kabeldikte (5G2.5, 5G4 of 5G6) is cruciaal voor veiligheid, efficiëntie en toekomstbestendigheid. De aanduiding "5G" staat voor vijf geleiders: drie fasen (L1, L2, L3), een neuter (N) en een aarde (PE). Het getal (2.5, 4 of 6) geeft de doorsnede van elke fase- en neutergeleider in mm² aan. De aardegeleider is vaak een maat dunner.



Voor thuisladen met een enkelfasige laadpaal (maximaal 16A / 3.7 kW) is een 5G2.5 kabel meestal voldoende. Deze is geschikt voor stromen tot 25A en dekkend voor de meeste standaard thuistoepassingen. Kies bij een langere afstand (>25 meter) of ter voorbereiding op een krachtigere toekomstige paal direct voor 5G4.



Bij krachtigere thuisladers (11 kW / 16A per fase of 22 kW / 32A per fase) is een 5G4 of 5G6 kabel vereist. Een 5G4 kabel is geschikt voor stromen tot 34A en is de meest gangbare keuze voor een 11 kW driefasige thuislader. Voor een 22 kW lader (32A per fase) of bij langere leidingen is de 5G6 kabel (geschikt voor 44A) verplicht om oververhitting te voorkomen.



Voor openbare laadpalen gelden strengere eisen door continu intensief gebruik, langere kabelleidingen en externe omstandigheden. Hier is de 5G6 kabel vaak de minimale standaard. Dit biedt niet alleen de capaciteit voor krachtig laden (22 kW en meer), maar zorgt ook voor een lagere weerstand, minder spanningsval over lange afstanden en een grotere veiligheidsmarge bij piekbelasting. Toekomstige upgrades naar snellere laders worden zo vereenvoudigd.



De uiteindelijke keuze moet altijd gebaseerd zijn op de maximale stroomsterkte (A) van de laadpaal, de lengte van de kabeltraject en de lokale installatienormen (NEN 1010). Een erkende installateur kan de exacte berekening maken, waarbij spanningsval en omgevingstemperatuur worden meegenomen. In twijfelgevallen is investeren in een dikkere kabel (5G4 i.p.v. 5G2.5, of 5G6 i.p.v. 5G4) een verstandige, toekomstvaste beslissing.



Veelgestelde vragen:

Vergelijkbare artikelen

Recente artikelen



Occasions

Onderhoud

Contact
Back To Top